Hoogspanning

'Je kan tegenwoordig niks meer zeggen.'


Laten we eens wat dieper ingaan op deze gevleugelde woorden.


Om te beginnen, het is niet waar. Je kunt nog steeds alles zeggen. Niemand is opgepakt, naar een strafkamp gestuurd of geëxecuteerd vanwege beledigende opmerkingen. Verschil is dat er weerwoord is. Stevig weerwoord. Met 'cancelen' als het ultieme argument.

De gekwetsten slaan terug en van zich af. De kwetsers voelen zich in het nauw gedreven en zijn op hun beurt weer gekwetst. Een perpetuum mobile van pijn, woede en beledigd zijn.


Voor beide kampen valt iets te zeggen. Dat minderheden opmerkingen over geaardheid, geslacht en/of huidskleur beu zijn kan ik goed begrijpen. Dat ze een lijn trekken en zeggen 'tot hier en niet verder' vind ik logisch. Als ik me gekwetst of bedreigd voel doe ik precies hetzelfde. Het is al erg genoeg dat dit allemaal nodig is om überhaupt gehoord te worden.


Dat je vrijuit wil zeggen wat je denkt, opmerkingen en grappen wil maken over ieder denkbaar onderwerp, en dat je geen censuur wil, begrijp ik ook. Want de rigide kant van deze revolutie, waarin iedereen elkaar de morele maat neemt, heeft iets humor en -vreugdeloos. De tol van een vrije samenleving is nu eenmaal, leven met iets wat je eigenlijk niet aanstaat.


Voor mijn vak is deze discussie buitengewoon interessant. Humor staat onder hoogspanning. Een grap is per definitie een ontlading van een spanning. Daarom kan humor absoluut een middel zijn om wat lucht uit de, op knappen staande, maatschappelijke ballon te laten.


Het lastige van humor is dat het een heel moeilijk en ongrijpbaar fenomeen is. De één kan over een heel pijnlijk onderwerp allerlei grappen maken en iedereen ligt krom. De ander hoeft over datzelfde onderwerp maar iéts te zeggen en iedereen valt erover heen. Hoe kan dat?


Belangrijk hierin is het verschil tussen café en tv. Want natuurlijk wegen woorden heel anders en zwaarder in een publieke arena dan in het café op de hoek.


Wie zegt wat, hoe en wanneer? Dit maakt al het verschil. Context en intentie. Zeg je iets puur om te provoceren, omdat het niet mag, zoals een kleuter steeds 'poep' zegt? Of zit er een gedachte achter de grap of opmerking? Bedoel je meer dan alleen de belediging?


Zeg wat je te zeggen hebt, maar neem er verantwoordelijkheid voor. Zoals Spiderman al zegt, with great power comes great responsibility.