Cabaretnacht

Ze zijn er weer. De 'cabaretnachten'. Tijdens de lockdown was het een stuk rustiger, maar nu de wereld weer open is zijn ze op volle sterkte terug.


Een cabaretnacht begint zo: ik zeg welterusten tegen mijn vriendin, knip mijn lampje uit en ga lekker liggen. Ik laat mijn gedachten de vrije loop, zoals je een hond loslaat nadat je hem eerst een tijdje aan de lijn hebt gehouden.


'Morgen niet vergeten het vuilnis buiten te zetten. En ik moet mijn boekhouder mailen! In welke film zat Sean Connery ook alweer de hele tijd in een onderzeeboot? Is die nou dood trouwens? James Bond is dood? Wat doen ze eigenlijk met alle pis en stront in zo'n onderzeeboot als je weken onderwater zit? Dumpen ze dat gewoon meteen in de zee? Dat er dan net een dolfijn langs zwemt en die krijgt dan een hoop stront op z'n kop! Toch wel grappig. Effe opschrijven.'


In het donker reik ik naar mijn pen op het nachtkastje en schrijf op de tast in mijn schrift 'onderzeeboot, poep, dolfijn'.

Soms lukt het me om me daarna tevreden om te draaien en in slaap te vallen. Maar meestal is dit het startsein van een cabaretnacht.


Oncontroleerbaar blijf ik fantaseren over, in dit geval, onderzeeboten en dolfijnen met poep op hun kop. Plotseling zie ik verbanden met materiaal wat ik al heb en ontstaan er nog twee of drie nieuwe redeneringen. Dan begin ik volgordes van scenes te maken en voor ik het weet lig ik in bed de hele nacht een nog niet bestaande cabaretvoorstelling te spelen. Steeds weer nieuwe gedachten, steeds weer notities krabbelen in het donker, steeds weer opnieuw.

In het begin is het nog wel leuk om me te laten meesleuren door die gedachtestromen. Maar hoe later het wordt, hoe vermoeiender het is. Ik wil gewoon slapen!.


Mijn schrift staat vol met de meest bizarre gedachtekronkels, in een onmogelijk handschrift, waarvan driekwart ook nog eens totaal niet bruikbaar is. Maar ik kan het me niet veroorloven het risico te lopen een gouden vangst te laten ontsnappen. Niet noteren is geen optie.


Dus geef ik me er maar aan over en blijf ik hele nachten 'vissen' naar nieuwe ideeën. Want af en toe heb ik beet. Dan word ik de volgende morgen moe maar voldaan wakker. Vanavond vroeg naar bed. Wie weet wordt het weer een cabaretnacht.